Verslag WOP – Het nieuwe Rivium

Datum: 22 juli 2020
Tijd: 15:00 – 16:00 uur
Locatie: Whereby
Aanwezig: Maarten Struijvenberg, Andjela Kraljevic, Werner Kasten, Daphne Verheijen-Blaauw, Else Gerritse (gemeente) Jos Mosmans (WOP Capelle-West), Dennis de Lange (WOP s ’Gravenland), Marco ’t Hoen (WOP Fascinatio)

1. Opening
Maarten Struijvenberg heet de aanwezigen welkom. Hij geeft aan dat naar aanleiding van de bewonersavonden over het concept gebiedspaspoort waarbij verscheidende aandachtspunten en zorgen vanuit bewoners binnen zijn gekomen, hij het prettig vindt om met vertegenwoordigers vanuit het WOP samen te kunnen zitten om hierover in gesprek te kunnen. Maarten Struijvenberg licht het proces van het gebiedspaspoort 2.0 kort toe:
– Het concept gebiedspaspoort is ter consultatie voorgelegd aan de gemeenteraad en via drie informatieavonden aan bewoners.
– Na het zomerreces wordt het gebiedspaspoort met bijhorende bijlages definitief verzonden; eerst naar college dan naar de raad.
– Het streven is om minstens een keer per kwartaal een bijeenkomst voor de bewoners en geïnteresseerden te organiseren.
Maarten Struijvenberg nodigt de vertegenwoordigers uit om de grootste zorgen en aandachtspunten toe te lichten vanuit de wijken.

2. WOP – aandachtspunten en zorgen 
WOP Capelle-West
Jos Mosmans licht de belangrijkste aandachtspunten toe:

– Sluipverkeer
– Evacuatieplan: Is er al een nieuw ontruimingsplan opgesteld?
– Aandacht voor fietsverkeer en – veiligheid
– Aandacht voor deelmobiliteit en bijhorende ‘zwerfgedrag’
Maarten Struijvenberg en Andjela Kraljevic lichten toe dat het voorkeursscenario is om Rivium te knippen voor doorrijdend verkeer. Het verkeer kan nog via zijstraten bewegen. In geval van nood blijft de boulevard wel bereikbaar. Een concreet ontruimingsplan moet nog worden opgesteld. Hier komt aandacht voor. Zij lichten ook toe dat er in het mobiliteitsplan veel aandacht wordt geschonken aan fietsverkeer en deelmobiliteit. De kruising van de IJsselmondselaan en de Poolvosweg zijn bij de gemeente bekend als probleemkruising.

WOP S ’Gravenland
Dennis de Lange licht de belangrijkste aandachtspunten toe:
– Sluipverkeer (met name aan de rand van de wijk)
– Belasting van wegennet, met name op de AVR. Angst voor het waterbedeffect.
– Parkeernorm dit i.v.m. veranderende doelgroep
– Zorgen over de werken van de parkshuttle
– Signalen bij MIRT: wordt er nu wel of geen rekening gehouden met het Rivium
Maarten Struijvenberg geeft aan dat hij de zorgen begrijpelijk vindt. Er komen veel nieuwe woningen en dus bewoners bij, die zich allemaal gaan verplaatsen. Bij het opstellen van het mobiliteitsplan en in het vervolgtraject zijn de top van de Nederlandse verkeersbedrijven aangehaakt (Royal Haskoning, Goudappel Coffeng, Movares). Maarten Struijvenberg licht toe dat er heel veel onderzoek is geweest en veel aandacht gaat naar het mobiliteitsverhaal van het Rivium. De wethouder geeft aan dat door ten eerste de juiste nieuwe bewoners aan te trekken door gebiedsmarketing, ten tweede door vol in te zetten op alternatieve vervoersmiddelen, zoals deelmobiliteit, openvaarvervoer en fietsroutes en als derde de afstemming met het MIRT over Rivium het mobiliteitsplan van het Rivium gaat werken. Maarten Struijvenberg benadrukt dat hier veel onderzoek naar is geweest en deze onderzoeken opgevraagd kunnen worden.
In relatie met MIRT (nieuwe oeververbinding) is voor de optimalisatie van Abram van Rijckevorselweg en Algeracorridor het budget beschikbaar gesteld. In dat project liggen de kansen om de verkeersdoorstroming te verbeteren, wat een positief effect kan hebben op Rivium en het verminderen van het sluipverkeer. Het streven is om de planningen van beide projecten af te stemmen om het optimaal resultaat te bereiken.

WOP Fascinatio
Marco ’t Hoen geeft aan zich aan te sluiten bij de genoemde punten van Jos Mosmans en Dennis de Lange. Graag benadrukt hij het volgende punt:
– Sentiment in de wijk is dat de communicatie met de gemeente in afgelopen periode matig is verlopen. De bewoners voelen zich niet gehoord, gezien zij graag meer willen weten over de impact op hun wijk. Ook vragen zij om meer inzicht te krijgen in de verkennende analyses en de uitleg ervan.

Maarten Struijvenberg en Andjela Kraljevic geven aan zij het jammer vinden dat dit zo wordt ervaren, maar het begrijpelijk vinden dat de bewoners meer aandacht willen voor de impact op hun wijk. Naar aanleiding van de bovenstaande aandachtspunten wordt het volgende afgesproken:
– De gemeente komt een presentatie in de WOP’s geven over de impact op hun wijk in oktober/november. De focus zal hierbij met name liggen op mobiliteit (sluipverkeer, drukte & parkeren).
– De WOP verzamelt de vragen en zorgen vanuit de bewoners en deelt dit met de gemeente in september.
– De gemeente start met een samenvattingsdocument van de onderzoeken op te stellen en zullen in de presentatie aandacht geven aan verschillende scenario’s.
– De gemeente en de vertegenwoordigers van de WOP komen samen begin oktober om de presentatie voor te bereiden.
– Eind oktober/november vinden de presentaties waarin wij samen optreden plaats.

De drie vertegenwoordigers geven aan dat er niet alleen aandachtspunten zijn, ook voorzichtige positiviteit met name over de alternatieve vervoersmiddelen. Zij geven aan dat vanuit de gemeente meerdere keren nog gesproken moet gaan worden met bewoners. Hierbij is enige overtuigingskracht nodig. De focus moet liggen op: wat is het effect voor de wijken?, wat is het effect op de wegen tijdens de spitsuren?, het parkeren e.d. De heren lichten toe dat de insteek van de bewonersavonden voor nu te veel op het Rivium is geweest en minder op de omliggende wijken. Communicatie blijft een belangrijk onderwerp in dit traject, waarbij ook nagedacht moet worden over de verschillende communicatiekanalen. De nieuwsbrief WOP, website en buurkrant worden hierbij genoemd.

Werner Karsten en Daphne Verheijen-Blaauw herkennen de zorgen en aandachtspunten genoemd door de WOP-vertegenwoordigers. Zij geven aan dat het zicht op Rivium voor nu nog diffuus is. Zij ervaren nieuwsgierigheid met zorg en positiviteit van bewoners. Zij benadrukken de volgende punten:
– Kansen van het alternatieve vervoer: meer aandacht leggen op deelmobiliteit
– Voorzieningen in het Rivium
– Tekort aan woningen is hoog: krijg je wel de juiste doelgroep
– Traject opdelen in fases, hierdoor wordt de informatie behapbaarder

3. Afsluiting
Maarten Struijvenberg bedankt de aanwezigen voor hun input. De aanwezigen geven aan contact te houden met elkaar tijdens het traject.